Informatie over ons schrikdraadapparaten

Schrikdraadapparaten: informatie over vermogen, voeding en gebruik

Een schrikdraadapparaat vormt het hart van een elektrische afrastering. Het apparaat geeft korte elektrische impulsen af aan het schrikdraad, schrikkoord of afrasteringslint. Wanneer een dier de geleider aanraakt, voelt het een korte, onaangename schok en leert het afstand te houden van de afrastering.

Schrikdraadapparaten worden gebruikt voor afrasteringen voor paarden, runderen, schapen, geiten en andere dieren. Daarnaast kunnen ze worden ingezet om wilde dieren buiten landbouwgrond, tuinen, dierenweides en andere terreinen te houden.

Op deze pagina leest u welke soorten schrikdraadapparaten er zijn, wat het verschil is tussen volt en joule en waarop u moet letten bij het kiezen, installeren en onderhouden van een apparaat.

Wat is een schrikdraadapparaat?

Een schrikdraadapparaat, ook wel afrasteringsapparaat of energizer genoemd, zet elektrische energie om in korte stroomimpulsen. Deze impulsen worden via het aangesloten draad, koord, lint of gaas door de afrastering geleid.

Een elektrisch afrasteringssysteem bestaat doorgaans uit:

  • een schrikdraadapparaat;
  • een stroomvoorziening;
  • een aardingssysteem;
  • schrikdraad, schrikkoord, lint of elektrisch net;
  • afrasteringspalen;
  • isolatoren;
  • verbindingsmaterialen;
  • poortgrepen en doorgangen;
  • eventueel een zonnepaneel.

Alle onderdelen moeten goed op elkaar zijn afgestemd. Een krachtig apparaat kan bijvoorbeeld alleen goed functioneren wanneer de aarding en elektrische verbindingen correct zijn aangelegd.

Hoe werkt een schrikdraadapparaat?

Het apparaat stuurt met regelmatige tussenpozen een korte elektrische impuls door de afrastering. Het draad staat daardoor niet onder een constante elektrische spanning.

Wanneer een dier het schrikdraad aanraakt, ontstaat een stroomkring:

  1. Het schrikdraadapparaat geeft een elektrische impuls af.
  2. De impuls loopt door het draad, koord of lint.
  3. Het dier raakt de geleider aan.
  4. De stroom loopt via het dier naar de bodem.
  5. Via de bodem en de aardpennen keert de impuls terug naar het apparaat.

Het dier voelt hierdoor een korte schok. Bij een correct geïnstalleerd systeem is deze impuls kort, maar duidelijk genoeg om het dier te leren de afrastering niet aan te raken.

Welke soorten schrikdraadapparaten zijn er?

Schrikdraadapparaten kunnen worden ingedeeld op basis van hun stroomvoorziening. De meest voorkomende uitvoeringen zijn:

  • 230 volt-schrikdraadapparaten;
  • 12 volt-accuapparaten;
  • batterijapparaten;
  • solar schrikdraadapparaten;
  • combinatieapparaten.

Schrikdraadapparaat op 230 volt

Een schrikdraadapparaat op netstroom wordt aangesloten op een stopcontact. Dit type is vooral geschikt voor permanente afrasteringen en locaties waar een betrouwbare netaansluiting beschikbaar is.

Voordelen van een 230 volt-apparaat:

  • continue stroomvoorziening;
  • geen accu of batterij vervangen;
  • geschikt voor lange afrasteringen;
  • geschikt voor meerdere afrasteringsdraden;
  • vaak krachtig genoeg voor begroeiing langs de afrastering;
  • praktisch voor vaste weides en stallen.

Aandachtspunten:

  • er moet een stopcontact beschikbaar zijn;
  • het apparaat moet droog en veilig worden geplaatst;
  • de stroomkabel moet beschermd zijn tegen vocht, dieren en beschadiging;
  • de installatie moet volgens de voorschriften van de fabrikant worden uitgevoerd.

Schrikdraadapparaat op accu

Een 9 of 12 volt-schrikdraadapparaat werkt op een oplaadbare accu. Dit type is geschikt voor afgelegen percelen waar geen netstroom aanwezig is.

Voordelen van een accuapparaat:

  • geen stopcontact nodig;
  • flexibel en verplaatsbaar;
  • geschikt voor tijdelijke en permanente afrasteringen;
  • bruikbaar op afgelegen weilanden;
  • te combineren met een zonnepaneel.

Aandachtspunten:

  • de accu moet regelmatig worden opgeladen;
  • de accuspanning moet worden gecontroleerd;
  • een oudere of beschadigde accu kan sneller ontladen;
  • het verbruik hangt af van het vermogen en de omstandigheden van de afrastering.

Schrikdraadapparaat op batterij

Een batterijapparaat werkt meestal op een vervangbare droge batterij. Deze uitvoering is vooral geschikt voor kleinere en tijdelijke afrasteringen.

Voordelen:

  • gemakkelijk te plaatsen;
  • geen stopcontact of losse accu nodig;
  • geschikt voor tijdelijke weides;
  • licht en gemakkelijk te verplaatsen;
  • praktisch voor korte afrasteringen.

Aandachtspunten:

  • de batterij moet periodiek worden vervangen;
  • de gebruiksduur is afhankelijk van het apparaat en de belasting;
  • minder geschikt voor zeer lange of sterk begroeide afrasteringen;
  • controle van de batterijstatus blijft noodzakelijk.

Solar schrikdraadapparaat

Een solar schrikdraadapparaat werkt met een accu die door een zonnepaneel wordt bijgeladen. Hierdoor is het systeem geschikt voor locaties zonder netstroom.

Een zonnepaneel vermindert de noodzaak om de accu handmatig op te laden, maar de werking blijft afhankelijk van:

  • de capaciteit van het zonnepaneel;
  • de capaciteit en conditie van de accu;
  • het stroomverbruik van het apparaat;
  • het aantal zonuren;
  • het seizoen;
  • de ligging en hellingshoek van het zonnepaneel;
  • schaduw van bomen, gebouwen of andere objecten.

Het zonnepaneel moet zo worden geplaatst dat het zoveel mogelijk direct zonlicht ontvangt.

Combinatieapparaat

Een combinatieapparaat kan vaak op meerdere stroombronnen worden aangesloten, bijvoorbeeld op 230 volt en op een 12 volt-accu.

Deze uitvoering is praktisch wanneer:

  • het apparaat op verschillende locaties wordt gebruikt;
  • zowel netstroom als een accu beschikbaar is;
  • extra bedrijfszekerheid gewenst is;
  • de stroomvoorziening in de toekomst kan veranderen.

Wat betekenen volt en joule?

Bij schrikdraadapparaten worden meestal waarden in volt en joule vermeld. Deze waarden geven verschillende eigenschappen van het apparaat aan.

Volt

Volt geeft de elektrische spanning aan. Voldoende spanning is nodig om de elektrische impuls door de vacht van een dier en door kleine vervuilingen of begroeiing te laten komen.

De spanning die daadwerkelijk op de afrastering staat, kan lager zijn dan de maximale spanning die het apparaat kan leveren. Spanningsverlies kan ontstaan door:

  • lange afrasteringen;
  • veel begroeiing;
  • slechte verbindingen;
  • beschadigde isolatoren;
  • geleiders met een hoge weerstand;
  • onvoldoende aarding.

Joule

Joule geeft de hoeveelheid energie van de elektrische impuls aan. Hoe hoger de impulsenergie, hoe beter een apparaat doorgaans geschikt is voor lange afrasteringen, meerdere draden, sterke begroeiing of moeilijker te houden dieren.

Er wordt vaak onderscheid gemaakt tussen:

  • laadenergie: de energie die in het apparaat wordt opgebouwd;
  • uitgangsenergie: de energie die het apparaat daadwerkelijk aan de afrastering afgeeft.

Voor het vergelijken van apparaten is vooral de uitgangsenergie belangrijk.

Hoeveel joule heeft een schrikdraadapparaat nodig?

Het benodigde vermogen hangt niet alleen af van de lengte van het perceel. De totale lengte van alle aangesloten geleiders moet worden meegerekend.

Een weiland met een omtrek van 1.000 meter en drie afrasteringsdraden heeft bijvoorbeeld ongeveer 3.000 meter geleider.

De benodigde impulsenergie wordt onder andere bepaald door:

  • de totale lengte van de geleiders;
  • het aantal draden of linten;
  • de geleidbaarheid van het materiaal;
  • de hoeveelheid begroeiing;
  • de diersoort;
  • de lengte en dichtheid van de vacht;
  • de bodemgesteldheid;
  • de kwaliteit van de aarding;
  • eventuele uitbreiding in de toekomst.

Kies een apparaat met enige reservecapaciteit. Zo blijft de afrastering ook bij grasgroei, vochtige omstandigheden of uitbreiding beter functioneren.

Welke schrikdraadapparaten zijn geschikt voor paarden?

Bij paarden is een goed zichtbare en betrouwbaar werkende afrastering belangrijk. Paarden moeten de afrastering tijdig kunnen herkennen en na aanraking een duidelijke impuls voelen.

Let bij een schrikdraadapparaat voor paarden op:

  • voldoende spanning over de volledige afrastering;
  • voldoende vermogen voor de totale draadlengte;
  • goed zichtbaar lint of koord;
  • een correcte hoogte en indeling van de geleiders;
  • betrouwbare aarding;
  • weinig spanningsverlies bij begroeiing;
  • een veilige doorgang met geïsoleerde poortgrepen.

Het benodigde vermogen is afhankelijk van het aantal paarden, de lengte van de afrastering, het aantal linten en de aanwezige begroeiing.

Welk apparaat is geschikt voor rundvee?

Runderen zijn doorgaans goed met een elektrische afrastering binnen een perceel te houden. Het apparaat moet wel voldoende vermogen leveren voor de lengte en omstandigheden van de afrastering.

Houd bij rundvee rekening met:

  • lange en permanente afrasteringen;
  • begroeiing langs de draden;
  • stevige hoek- en eindconstructies;
  • voldoende geleidbaarheid;
  • een goed werkende aarding;
  • meerdere afrasteringsdraden wanneer nodig;
  • brede doorgangen voor landbouwmachines.

Welk apparaat is geschikt voor schapen en geiten?

Schapen hebben een isolerende vacht. Daardoor kan een krachtiger apparaat en een goed aangelegde afrastering nodig zijn. Bij geiten speelt daarnaast mee dat zij actief kunnen zoeken naar zwakke plekken in een omheining.

Voor schapen en geiten worden onder andere gebruikt:

  • meerdere elektrische draden;
  • elektrische schapennetten;
  • vast gaas met een aanvullende stroomdraad;
  • krachtige apparaten met voldoende uitgangsenergie;
  • goede aarding met meerdere aardpennen.

Bij elektrische netten is contact met gras en begroeiing een belangrijke oorzaak van spanningsverlies.

Schrikdraadapparaat voor wilde dieren

Een elektrisch afrasteringssysteem kan ook worden gebruikt om wilde dieren buiten een terrein te houden. De benodigde uitvoering verschilt per diersoort.

Toepassingen zijn onder andere:

  • bescherming van landbouwgewassen;
  • bescherming van dierenweides;
  • het weren van wilde zwijnen;
  • het weren van herten;
  • bescherming tegen wolven;
  • bescherming van tuinen of erven.

Voor wildwering is vaak een krachtig apparaat nodig in combinatie met meerdere geleiders, een correcte hoogte en een zorgvuldige plaatsing.

Waarom is de aarding zo belangrijk?

De aarding is noodzakelijk om de elektrische stroomkring te sluiten. Zonder goede aarding kan zelfs een krachtig schrikdraadapparaat onvoldoende effectief zijn.

Een aardingssysteem bestaat meestal uit:

  • één of meerdere verzinkte aardpennen;
  • een geschikte aardingskabel;
  • stevige en roestbestendige aansluitklemmen;
  • vochtige en goed geleidende bodem.

Het benodigde aantal aardpennen hangt af van het vermogen van het apparaat en de voorschriften van de fabrikant.

Tips voor goede aarding

  • Plaats de aardpennen voldoende diep in de bodem.
  • Houd de voorgeschreven afstand tussen de aardpennen aan.
  • Kies bij voorkeur een plaats waar de bodem niet snel uitdroogt.
  • Gebruik geschikte aardingskabel en aansluitklemmen.
  • Controleer verbindingen op roest en vervuiling.
  • Volg altijd de installatiehandleiding van het apparaat.

Hoe sluit u een schrikdraadapparaat aan?

De exacte aansluiting verschilt per model. Volg daarom altijd de meegeleverde handleiding.

Een algemene aansluitvolgorde is:

  1. Plaats het apparaat op een droge en veilige locatie.
  2. Installeer het aardingssysteem.
  3. Verbind de aardingsuitgang van het apparaat met de aardpennen.
  4. Verbind de afrasteringsuitgang met het draad, koord of lint.
  5. Controleer alle verbindingen en isolatoren.
  6. Sluit de stroomvoorziening aan.
  7. Schakel het apparaat in.
  8. Meet de spanning bij het apparaat en verderop in de afrastering.

Schakel het apparaat uit voordat werkzaamheden aan de afrastering of aansluitingen worden uitgevoerd.

Waar moet een schrikdraadapparaat worden geplaatst?

Een schrikdraadapparaat moet veilig, droog en beschermd worden geplaatst.

Let op de volgende punten:

  • bescherming tegen regen en direct vocht;
  • voldoende ventilatie;
  • bescherming tegen dieren en mechanische beschadiging;
  • goede bereikbaarheid voor controle en onderhoud;
  • korte, correcte verbinding met de afrastering en aarding;
  • plaatsing volgens de voorschriften van de fabrikant;
  • een veilige stroomaansluiting bij 230 volt-apparaten.

Gebruik bij buitenplaatsing alleen een apparaat dat daarvoor geschikt is of plaats het in een daarvoor bedoelde beschermkast.

Hoe meet u de spanning op de afrastering?

De spanning kan worden gecontroleerd met een digitale afrasteringstester of voltmeter voor elektrische afrasteringen.

Meet bij voorkeur op meerdere plaatsen:

  • direct bij het schrikdraadapparaat;
  • aan het begin van de afrastering;
  • halverwege het perceel;
  • aan het einde van de afrastering;
  • voor en na een poort of verbinding;
  • op plaatsen met veel begroeiing.

Een groot verschil tussen de spanning bij het apparaat en verderop in de afrastering wijst op spanningsverlies of een storing.

Hoe ontstaat spanningsverlies?

Spanningsverlies betekent dat een deel van de elektrische energie onderweg verloren gaat.

Veelvoorkomende oorzaken zijn:

  • gras, takken of struiken tegen de geleiders;
  • beschadigde of vervuilde isolatoren;
  • losse of verroeste verbindingen;
  • knopen in plaats van geschikte draad- of lintverbinders;
  • gebroken geleidende draden;
  • contact met metalen hekken of palen;
  • een te lichte geleider voor een lange afrastering;
  • een onvoldoende geladen accu;
  • slechte of onvoldoende aarding;
  • een apparaat met te weinig capaciteit.

Onderhoud van een schrikdraadapparaat

Regelmatig onderhoud helpt om het apparaat en de afrastering betrouwbaar te laten functioneren.

Controleer regelmatig:

  • de spanning op de afrastering;
  • het controlelampje of display van het apparaat;
  • de accu- of batterijstatus;
  • de aansluitkabels;
  • de aardpennen en aardingsverbindingen;
  • de behuizing op beschadiging of vocht;
  • de isolatoren en geleiders;
  • begroeiing langs de afrastering;
  • poortgrepen en doorgangen.

Reinig het apparaat alleen volgens de instructies van de fabrikant en schakel de stroom uit voordat onderhoud wordt uitgevoerd.

Veelvoorkomende problemen

Het schrikdraadapparaat werkt niet

Controleer de stroomvoorziening, zekering, accu, batterij en aansluitkabels. Raadpleeg ook het controlelampje of display van het apparaat.

Het apparaat werkt, maar er staat geen spanning op het draad

Controleer de verbinding tussen het apparaat en de afrastering. Kijk ook naar onderbrekingen, losse verbindingen, beschadigde isolatoren en contact met metalen onderdelen.

De spanning is te laag

Controleer de aarding, begroeiing, verbindingen, geleiders en de capaciteit van het apparaat. Meet de spanning op meerdere punten om de locatie van het verlies te bepalen.

De accu raakt snel leeg

Mogelijke oorzaken zijn een oude accu, een te hoog energieverbruik, onvoldoende opladen, een defect zonnepaneel of veel spanningsverlies in de afrastering.

Het apparaat tikt, maar de afrastering werkt niet goed

Het tikkende geluid geeft aan dat het apparaat impulsen afgeeft. Het zegt niet automatisch dat de volledige afrastering voldoende spanning heeft. Controleer daarom altijd met een geschikte tester.

Hoe kiest u het juiste schrikdraadapparaat?

Bij het kiezen van een apparaat moet de volledige afrasteringssituatie worden beoordeeld.

Houd rekening met:

  • de diersoort;
  • het aantal dieren;
  • de totale lengte van alle geleiders;
  • het aantal draden, linten of koorden;
  • de geleidbaarheid van het materiaal;
  • de hoeveelheid begroeiing;
  • de tijdelijke of permanente toepassing;
  • de beschikbare stroomvoorziening;
  • de bodemgesteldheid;
  • de kwaliteit van de aarding;
  • eventuele toekomstige uitbreiding;
  • de gewenste bescherming tegen wild.

Veelgestelde vragen over schrikdraadapparaten

Welk schrikdraadapparaat heb ik nodig?

Dat hangt af van de totale draadlengte, het aantal geleiders, de diersoort, de begroeiing en de beschikbare stroomvoorziening. Kies bij twijfel een apparaat met voldoende reservecapaciteit.

Is een apparaat op netstroom beter dan een accuapparaat?

Een netstroomapparaat is praktisch voor vaste afrasteringen met een stopcontact in de buurt. Een accuapparaat is flexibeler en geschikt voor afgelegen percelen.

Hoeveel joule moet een schrikdraadapparaat hebben?

De benodigde uitgangsenergie hangt af van de totale afrasteringslengte, het aantal draden, begroeiing, diersoort en aarding. Er bestaat daarom geen vaste waarde die voor iedere situatie geschikt is.

Kan een schrikdraadapparaat te sterk zijn?

Gebruik uitsluitend apparaten die voldoen aan de geldende veiligheidsnormen en geschikt zijn voor elektrische afrasteringen. Stem het apparaat af op de dieren en de toepassing en volg de instructies van de fabrikant.

Kan ik één apparaat voor meerdere weilanden gebruiken?

Dat is mogelijk wanneer de weilanden elektrisch met elkaar zijn verbonden en het apparaat voldoende capaciteit heeft voor de totale lengte. Afzonderlijke schakelaars kunnen handig zijn om delen van de afrastering uit te schakelen.

Hoe vaak moet ik de spanning controleren?

Controleer de spanning regelmatig en extra vaak na storm, werkzaamheden, snelle grasgroei, aanpassingen aan de afrastering of problemen met de dieren.

Kan een zonnepaneel op ieder accuapparaat worden aangesloten?

Niet ieder zonnepaneel is geschikt voor ieder apparaat of iedere accu. Controleer de vereiste spanning, capaciteit, laadregelaar en aansluitwijze.

Waarom werkt mijn afrastering slecht bij droog weer?

Droge bodem geleidt elektriciteit minder goed. Hierdoor kan de stroom minder goed via de bodem naar de aardpennen terugkeren. Extra of dieper geplaatste aardpennen kunnen nodig zijn.

Kan ik het apparaat buiten plaatsen?

Dat hangt af van de uitvoering en beschermingsklasse. Volg altijd de productspecificaties. Plaats een apparaat indien nodig in een geschikte beschermkast.

Hoe vind ik een storing in mijn afrastering?

Meet de spanning op verschillende plaatsen en koppel delen van de afrastering één voor één los. Zo kunt u bepalen in welk gedeelte het spanningsverlies zit.

Advies over schrikdraadapparaten

Wilt u weten welk schrikdraadapparaat bij uw afrastering past? Houd dan de volgende informatie bij de hand:

  • de diersoort;
  • de totale omtrek van het perceel;
  • het aantal afrasteringsdraden;
  • het type draad, koord, lint of net;
  • de hoeveelheid begroeiing;
  • de beschikbare stroomvoorziening;
  • de tijdelijke of permanente toepassing;
  • de bodemgesteldheid;
  • de bestaande aarding;
  • eventuele toekomstige uitbreiding.

Met deze informatie kunnen wij gerichter adviseren over het benodigde vermogen, de stroomvoorziening, het aardingssysteem en de bijpassende accessoires.

Bekijk ons assortiment schrikdraadapparaten of neem contact met ons op voor persoonlijk advies.